Als het over onderwijs voor onze kinderen gaat willen wij dan als ouders te veel? Ik heb jaren lang gestreden om mijn kinderen binnen de muren van een school te houden. Ik heb mij er altijd over verbaasd dat dit zo ging, maar ik geloof niet dat ik te veeleisend was.

zaterdag 23 mei 2020

Zou er ooit iemand komen die het voor onze kinderen opneemt? Deel 8

Meer dan een jaar geleden werd Stichting Bloemfleur gedwongen door de gemeente Rotterdam te stoppen met het onderwijs/zorg-initiatief voor kinderen die op geen enkele andere school welkom waren. De ouders waren ontzet. Al jaren zaten hun kinderen thuis. Dankzij Corona weet iedereen inmiddels, hoe erg het is om niet naar school te kunnen! Hoe kon de gemeente nou zo bot een einde maken aan een initiatief dat in korte tijd al zoveel soelaas had gebracht?

De ouders deden destijds een beroep op het democratische instrument dat bedoeld is om burgers die zich benadeeld voelen door hun overheid, bij te staan: De OMBUDSMAN. Dat was op 4 april 2019.


Al dertien maanden en twintig dagen wachten deze ouders vergeefs op antwoord.

Maarten

Ruim twee jaar geleden maakten we bij Acato kennis met Maarten, 14 jaar oud. Hij zat een tijdje aan een bureau tussen de andere leerlingen en verklaarde dat hij het bij Acato wel prettig vond. Zijn ouders vertelden dat er ook nog andere zaken speelden en dat ze toch hoopten dat er een oplossing op school gevonden zou worden. Die oplossing kwam er uiteindelijk niet voor Maarten.

Na de zomervakantie van 2018 openden wij hoopvol en enthousiast het project aan het Goudseplein voor kinderen die ondanks hun leerplichtige leeftijd niet terecht konden op Rotterdamse scholen. Maarten kwam opnieuw langs met zijn ouders. Hij was zichtbaar blij dat hij naar Acato mocht. Hij danste letterlijk door de school. Iedereen was dol op Maarten vanwege zijn enorme dankbare opgewektheid.

De ouders van Maarten maakten zich toch zorgen. De school waar Maarten niet terecht kon wilde namelijk niet meewerken. We werden uitgenodigd voor een gesprek.

Ergens in november 2018, zaten we met acht mensen rond de tafel op de middelbare school waar Maarten ingeschreven stond: De ouders van Maarten, de directeur van de school, een teamleider of iets dergelijks, een dame van het samenwerkingsverband, de verantwoordelijke leerplichtambtenaar en een dame van het wijkteam.

De leidinggevenden van de school staken van wal met een speech over hoezeer zij hun best gedaan hadden. Ze konden er niets aan doen. De ouders waren het daar bepaald niet mee eens. Maarten zat al lange tijd thuis. Er was niet eens ingezet op een verwijzing naar het Speciaal Onderwijs.

Ik opperde dat het misschien een idee was om te kijken of we bij Acato een oplossing konden bieden. Dat zou tenminste wat rust in de tent brengen.

Ik werd ronduit afgebekt door de directeur en de dame van het samenwerkingsverband zei -ik zie haar triomfantelijke gezicht nog voor me- :

'Er is helemaal geen geld voor iets als Acato.'

Dit samenwerkingsverband heeft tot taak te zorgen dat alle Rotterdamse kinderen naar school kunnen. Dat is de reden van de oprichting. Het heeft sinds 2014 tot-en-met 2018 daartoe ruim 200 miljoen euro aan Rijksbijdragen ontvangen. In de laatste strategische ambitie van deze club (november 2019) is te lezen dat sinds de oprichting het aantal thuiszitters met 43% is gestegen!

Het aantal kinderen met een artikel 5a vrijstelling is in een jaar tijd met 10% gestegen.
En dan moet u daarbij weten dat thuiszittende kinderen met autisme tegenwoordig worden ziek gemeld bij de inspectie. Het aantal ziekmeldingen wordt namelijk niet meegeteld. Deze kinderen worden, zoals ik eerder schreef, genegeerd. Als alle kinderen die geen onderwijs krijgen in Nederland eerlijk zouden worden geteld, wordt het verhaal nog veel en veel pijnlijker.

Tweehonderd miljoen euro investeerde de samenleving in een verbetering voor onze thuiszittende kinderen, voor de thuiszittende kinderen van alleen Rotterdam en wat randgemeenten. Het blijkt een kat in de zak.

De ouders van Maarten kregen te horen dat Acato zou moeten verdwijnen. Dat hadden de scholen al met elkaar afgesproken toen we nog maar net twee maanden bezig waren. De ouders waren daarom bang dat Maarten opnieuw teleurgesteld zou worden en hielden hem thuis. Maarten is sindsdien niet meer naar school geweest. Hij appt ons soms om te vragen hoe het met ons gaat.

Amnesty International heeft het over een waardigheidstoets. Zo'n toets vereist 'verheffing', als tegenovergestelde van vernedering.

Ik denk dat we met onze verwaande Nederlandse beschaving mijlenver verwijderd zijn van de nobele doelstellingen van deze mensenrechtenorganisatie.


In april 2019 pakte de gemeente Rotterdam ons schooltje voor thuiszittende-leerlingen-in-de- leerplichtige-leeftijd af. De gemeente beloofde plechtig er een leerrechtpilot van te maken in de geest van Acato (!) De rode loper lag uit voor alle kinderen. De gemeenteraad beloofde een vinger aan de pols te zullen houden. De gemeenteraad zou de verantwoordelijke wethouder controleren.

Afgelopen jaar echter, sinds Acato uit het project werd gezet, dwaalden er slechts negen leerlingen door de lege lokalen. De zogenaamde leerrechtpilot is nooit van de grond gekomen. Het pand, met een oppervlak van bijna 800m2 kost de Rotterdamse gemeenschap zo'n 80.000 euro per jaar. Ondertussen stijgt het aantal thuiszitters en artikel 5a kinderen in Rotterdam alleen maar.

De ouders deden destijds een beroep op het democratische instrument dat bedoeld is om burgers die zich benadeeld voelen door hun overheid, bij te staan: De OMBUDSMAN. Dat was op 4 april 2019.

Al dertien maanden en twintig dagen wachten deze ouders vergeefs op antwoord.

Zou er ooit iemand komen die het voor onze kinderen opneemt?



Geen opmerkingen:

Een reactie posten